Malik & Fathima zoeken een eigen thuis

Malek: “Ik herinner me nog goed de dag dat mijn vrouw Fathima en ik besloten om met onze twee zonen, Zein (3 jaar) en Mohammed (4 jaar), te vluchten uit Syrië. Fathima was toen 4 maanden zwanger van onze derde zoon. Die dag vielen er opeens bommen op onze woonplaats. Ons leven zou daarna nooit meer hetzelfde zijn. ik wilde meteen vluchten, maar Fathima had het er moeilijk mee ons thuisland achter te laten. Fathima geeft tekenles en ik ben zelfstandige. Onze toekomstdromen liggen in Syrië, maar de oorlog maakte het onmogelijk om te blijven. We vluchtten eerst naar familie in Turkije, maar ook daar konden we niet blijven omdat er oorlog in de buurlanden uitbrak. Ik vluchtte samen met twee vrienden naar België in de hoop een veilige reis voor mijn vrouw en kinderen te kunnen regelen. Na 18 dagen reizen deed ik mijn asielaanvraag en kwam terecht in een opvangcentrum in Gent. De mensen hier waren heel vriendelijk en gastvrij. Het was een hele zware tocht geweest, dus ik was blij dat ik kon uitrusten.

Foto: het gezin van Malek & Fathima © Jan Van Bostraeten

Na drie maanden wachten had ik nog steeds geen interview gekregen bij het commissariaat om mijn verblijf te regelen. Ik was nog nooit zolang gescheiden geweest van mijn gezin en was erg bezorgd om hun veiligheid. Omdat de procedure langer duurde dan verwacht, besloot Fathima om met de kinderen zelf te vluchten naar belgië. Dit was één van de moeilijkste momenten van mijn leven. De tocht was heel gevaarlijk en zwaar. Ik weet nog goed het moment dat Fathima met de boot naar Griekenland ging.

De tocht zou drie uur duren, maar na vijf uur had ik nog steeds geen nieuws. Ik vreesde het ergste. Twee uur later kreeg ik gelukkig telefoon van Fathima en 12 dagen later kwam mijn gezin aan in België. Fathima was heel ziek en had veel rust nodig. Ze was ondertussen al zeven maanden zwanger.

Omdat er geen plek was voor ons in Gent werden we verplaatst naar het opvangcentrum in Doornik. Fathima werd zieker en bovendien moesten we één kamer delen met zesandere gezinnen. Dit was heel moeilijk, niemand kon goed slapen en het was heel koud ’s nachts. Fathima heeft toen drie dagen in het ziekenhuis gelegen. Zowel zij als onze ongeboren zoon waren ziek. Omdat de situatie in Doornik niet verbeterde ben ik naar het Commissariaat gegaan in Brussel. Via het OCMW hebben zij een opvanghuis kunnen regelen in Boechout. Dit voelde aan als een nieuw hoofdstuk. We hadden een eigen plek en mijn vrouw kon genezen. Op 26 januari werd Mazin geboren, gezond en wel. Vijf maanden later werden we erkend als vluchteling en kon ons leven beginnen hier in België.

Vanaf dat moment hadden we twee maanden de tijd om een nieuwe woning te vinden. We hebben samen met de maatschappelijke assistente gezocht via immoweb, kapaza, … maar zonder resultaat. Een vriend van ons heeft ons toen voorgesteld aan Tom van Woonhulp voor Vluchtelingen. We kunnen nu tijdelijk verblijven in hun transitwoning. Dit is een huis in Lier dat gerenoveerd is voor de opvang van meerdere gezinnen in nood. Ik woon samen met mijn gezin op de twee bovenste verdiepingen.We hebben veel geluk gehad.

Fathima en ik volgen nu Nederlandse lessen en gaan naar school. Mohammed en Zein gaan ook naar school en spreken beide al aardig Nederlands. Jammer genoeg kunnen we niet in dit huis blijven. De transitwoning heeft twee contracten van telkens drie maanden, daarna moet de woning weer vrijkomen. Samen met Tom zijn we dus dringend op zoek naar een woning.